Wie hebben met de Webrichtlijnen te maken?

Schema doelgroepen kleinVerschillende soorten organisaties hebben te maken met de Webrichtlijnen. Voor mijn afstudeeronderzoek heb ik een overzicht (schema) gemaakt van partijen die bij de Webrichtlijnen betrokken zijn, en welke vragen ik aan die partijen kan stellen. Heb je aanvullingen of andere tips voor dit schema, dan hoor ik die natuurlijk graag.

Update (4 mrt): Op basis van de goede feedback op dit artikel heb ik het schema aangepast.

Schema van soorten organisaties en rollen

Onderstaand schema geeft aan welke organisaties voor mijn onderzoek belangrijk zijn.  Naast de soorten organisaties vermeld ik expliciet de rollen die mensen binnen die organisaties vervullen: een verbetering van de communicatie van de Webrichtlijnen speelt niet alleen op het niveau van ‘soort organisatie’, maar moet ook gericht zijn op verschillende rollen binnen die organisaties. Want beseft een webredacteur dat er ook richtlijnen zijn waar hij rekening mee moet houden, en denkt een designer niet dat de Webrichtlijnen puur technisch zijn?

soorten doelgroepen v3
Bekijk het schema in hoge resolutie

Betrokken partijen

Internationale webstandaarden organisaties

Basis voor de webrichtlijnen zijn internationale standaarden, ontwikkeld door organisaties als het W3C en ECMA. Het W3C is verantwoordelijk voor technische specificaties zoals HTML en CSS, en voor de Web Content Accessibility Guidelines (WCAG). Eind vorig jaar is versie 2.0 van deze set richtlijnen uitgekomen.

Initiatiefnemers

De initiatiefnemers, het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, ICTU en Stichting Drempelvrij.nl hebben er belang bij dat de Webrichtlijnen effectief gecommuniceerd worden, zodat organisaties binnen en buiten de overheid de voordelen ervan inzien.

Inspectie-instellingen

Op dit moment zijn er in Nederland twee inspectie-instellingen die keuringen van het Waarmerk drempelvrij.nl mogen uitvoeren. Organisaties kunnen hun website door deze instellingen laten keuren. Komen ze door de test, dan mogen ze het Drempelvrij logo op hun website plaatsen.

Bureaus: leidraad en checklist

Webbureaus, creatieve bureaus, ICT-leveranciers en adviesbureaus kunnen de richtlijnen gebruiken bij het adviseren over en het ontwerpen en ontwikkelen van webproducten voor de klant. De Webrichtlijnen dienen hierbij als leidraad en ‘checklist’.

Klanten: opdrachtgeverschap en beheer

Overheidsorganisaties zijn verplicht de Webrichtlijnen na te volgen, maar ook organisaties in de semi-overheid, non-profit en commerciële sector kunnen de richtlijnen gebruiken. In de opdrachtomschrijving kunnen zij verwijzen naar het kwaliteitsmodel. Ook in een later traject spelen de Webrichtlijnen bij deze organisaties een rol: communicatiemedewerkers, webmasters en redacteuren kunnen ze gebruiken om ervoor te zorgen dat de kwaliteit ook in de beheerfase van het project gewaarborgd blijft.

Vragen

Voor elk van de partijen zijn andere vragen belangrijk. Van de initiatiefnemers wil ik weten waarom zij de Webrichtlijnen promoten, en wat hun ervaringen met de ‘buitenwereld’ zijn. Krijgen ze veel reacties? Bedrijven aan de bureau-kant wil ik vragen naar hun ervaring met het navolgen van de Webrichtlijnen, en de geluiden die zij van hun klanten  horen. Ook ben ik benieuwd wat zij van het instrumentarium rondom de Webrichtlijnen vinden. Bij organisaties aan de ‘klant-kant’ wil ik vooral achterhalen voor welke argumenten zij warm lopen en hoe ze tegen de Webrichtlijnen aankijken.

Wat denken jullie?

Zijn er nog meer partijen die belangrijk zijn? Vragen die niet onbeantwoord mogen blijven?

10 gedachten over “Wie hebben met de Webrichtlijnen te maken?”

  1. Een andere groep die genoemd moet worden is volgens mij de standaardenorganisaties zoals het W3C die de richtlijnen opstellen waar de webrichtlijnen vanaf zijn geleid.

  2. Je noemt keurig partijen die te maken hebben met de webrichtlijnen, behalve organisaties die hierop keuren.

    PS: Gelukkig wordt er bij de toets van webrichtlijnen.nl niet meer gevraagd of er al handmatig getoetst is op de WCAG 1.0 prior. 1 richtlijnen 😉

  3. Hoi Michelle, volgens mij zijn relevante vragen voor de initiatiefnemers ook:

    – wat is de relatie met andere verplichte standaarden (wat is het ‘totale pakket’ voor een overheidswebsite?)?
    – wat is de visie op inzet van Web 2.0-tools door overheidsorganisaties die niet aan de webrichtlijnen voldoen? Bijvoorbeeld Verhagen op Twitter en bijbehorende website http://www.hierisministerverhagen.nl – voldoen beide niet en zijn dus eigenlijk niet toegestaan, maar zou wel erg jammer zijn gezien vernieuwende betekenis voor overheidscommunicatie!

  4. Yvette, Paul, Renata, bedankt voor de feedback! Allemaal goede punten die ik opgenomen heb in mijn schema.

    @Renata: goed dat je die punten noemt. Ik had ze na ons gesprek al wel genoteerd, maar nog niet in dit schema (al uit een eerder stadium) verwerkt. Maar het zijn vragen die ik zeker ga stellen!

    @Paul: haha, ja inderdaad een stuk beter 😉

  5. Ik wilde nog even inhaken op de comment van Renata:

    – wat heeft WCAG 2.0 voor gevolgen voor de 125 webrichtlijnen?

    – Hoe gaat dit in de toekomst verlopen als er richtlijnen worden veranderd? Dit met het oog op verkoopbaarheid van de webrichtlijnen.

  6. Hoi Michelle, in je schema komen op dit moment enkel opleidingen ‘aan de basis’ aan de orde, terwijl onze ervaring is dat veel organisaties aan ’t begin of zelfs tijdens een webrichtlijnen-implementatietraject (wat een woord..) behoefte hebben aan trainingen…
    Die ze dan, als opdrachtgever, consultant, projectleider of frontendontwikkelaar afnemen.

  7. Waar is de eindklant oftewel de gebruiker gebleven? Is dat – uiteindelijk – niet de belangrijkste partij? Eisen zoals webrichtlijnen kunnen positieve maar ook negatieve ervaringen bij (verschillende) gebruikers (lees: doelgroepen)opleveren…

    In je schema toe te voegen als een vraag: Wat vindt de gebruiker/bezoeker ervan? Of als een blok in het schema.

  8. @Paul: Goede toevoegingen, ik heb ze opgenomen in mijn vragenlijst voor de initiatiefnemers.

    @Ron: Daar had ik helemaal niet aan gedacht! Er zijn naast de MBO-, HBO- en wetenschappelijke opleidingen natuurlijk ook cursussen, trainingen en workshops specifiek over de Webrichtlijnen, gericht op mensen die al werken.

    @bob: Ook al zo’n goed punt. We doen het natuurlijk allemaal uiteindelijk voor de eindgebruiker! Kun je een voorbeeld geven van hoe een eis als de Webrichtlijnen een negatieve ervaring bij gebruikers kan opleveren?

    Ik ga zowel de trainingen als de eindgebruikers verwerken in het schema.

    Nogmaals bedankt voor jullie reacties, mijn scriptie kan niet meer foutgaan zo! 😉

  9. Wat je op dit moment ziet, is dat omwille van kosten en beheer de meeste overheidssites (kijk naar alle departementale sites) door toepassing van de webrichtlijnen eenvoudiger worden, van opzet en in techniek. Dat is op zich prima. De keerzijde is dat meer intuitieve (ria-)oplossingen niet (kunnen) worden toegepast. Bijvoorbeeld bij omvangrijke/complexe formulieren biedt ria een keur aan navigatiemogelijkheden (misschien wel beter om te spreken van user experience); de webrichtlijnen staan die oplossingen in de weg (o.a. hierarchie, dynamische content en navigatie). Eenzelfde beperking is die van de toepassing van tabellen voor positionering: in de praktijk loop je tegen de beperkingen van css…

    Er wordt dus niet voor gekozen om 2 websites te maken (met dezelfde content): één voor de grootste gebruikersgroep met maximale user experience en één die voldoet aan de webrichtlijnen, omdat je als organisatie vindt dat dit je minimale kwaliteitseisen zijn.

    Uiteindelijk gaat het om de user experience (usability, etc.). Wat kun je maximaal bij een(specifieke) doelgroep bereiken vs. wat moet ik minimaal bereiken (evt. bij een specifieke doelgroep)?

    Hoop dat je hier wat mee kunt. Tis niet super concreet, maar ik zou je aan de hand van onze toekomstige site/product nog wel wat extra info/ervaring kunnen geven.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.